Verwend

Twee keer per jaar moet ik naar de randstad. Dan racen we in een zo kort mogelijke tijd heen en weer tussen Harlingen, Amsterdam, Den haag en Alphen aan de Rijn om nieuwe collecties in te kopen voor de winkel op Terschelling. Dan verwonder ik me over de ongelooflijke drukte in die wereld van beton en asfalt, en ben ik elke keer weer dolblij als we de afsluitdijk naderen, op weg terug naar het rustige noorden.

Deze zomer komt de randstad naar ons toe. Verwelkomen we een ‘nieuwe soort toeristen’ op Terschelling. Toeristen die anders naar Costa Rica waren gevlogen, of naar Bali, Kaapverdië of de Malediven.

Volgens de Leeuwarder Courant is deze toerist een beetje verwend. Normaal gesproken vliegen ze de hele wereld over om te verblijven in luxe, duurzame ecoresorts maar vanwege de coronacrisis moeten ze noodgedwongen hun heil zoeken in eigen land. Vandaar dat de autodekken van de veerboten al wekenlang volgeboekt zitten en de krappe parkeerplaatsen op Terschelling uitpuilen met dubbel geparkeerde Tesla’s, Volvo’s en glimmende Audi’s.

Doorgewinterde eilandgangers weten allang dat je je auto het beste achter kunt laten op één van de parkeerterreinen in Harlingen. We hebben hier op de Wadden namelijk een veel efficiënter vervoermiddel: de fiets (nee, geen elektrische!). Dit volledig draadloze apparaat brengt je naar het einde van de weg en daar voorbij, en heeft bovendien een positief effect op zowel de fysieke als mentale gesteldheid.

Maar goed, verwend dus. Dit nieuwe type toerist is all-inclusive vakanties gewend en moet nu zelf dingen gaan organiseren. Bij het VVV kantoor komen de globe-trotters verwilderd vragen wat ze moeten doen nu ze alle musea bezocht hebben, en in de winkel zetten mensen grote ogen van teleurstelling op als ik ze vertel dat West-Terschelling slechts twee echte winkelstraten telt.

Een Friese ondernemer suggereert in de krant dat we misschien meer luxe seaview hotels moeten gaan bouwen, zodat deze verwende toeristen volgend jaar misschien nog eens terug komen. Een vreemde suggestie dacht ik, want: moeten we het mooie, rustige en karakteristieke Waddengebied aanpassen om te voldoen aan de grillige wensen van deze ‘toerist nieuwe stijl’? Dit lijkt mij niet. Sterker nog, om deze toeristen verwend te noemen vond ik al enigszins bijzonder. Ben je verwend als je blijkbaar niet meer over de gave beschikt om jezelf te vermaken? Ben je verwend als je de natuurlijke schoonheid van onze prachtige eilanden niet weet te waarderen? Ben je verwend als je zo vervreemd bent van de natuur dat je niet meer durft te dwalen in de duinen en daarom maar blijft rondhangen in het dorp, op zoek naar een park waar je kunt zitten? (true story)  

Het bouwen van luxe seaviewresorts lijkt me dus niet de oplossing. Mijn persoonlijke suggestie? Heropvoedingskampen. Laat onze verwende globetrotters opnieuw kennismaken met de natuur. Leer ze te verdwalen, te ontdekken en te dromen. Laat ze de ultieme vrijheid ervaren op een surfplank in de branding. Geef ze stevige wandelschoenen en laat ze zien dat er een hele wereld bestaat buiten de gebaande paden. Laat ze de magie ervaren van het staren naar een donkere sterrenhemel, vrij van lichtvervuiling en ruis. Laat ze zien dat ‘natuur’ niet enkel een vervelende factor is in het stikstofbeleid, maar een heilzame wereld waarin lichaam en geest kunnen opladen en herstellen.

Investeer dus niet in luxe resorts die onze kustlijnen verpesten, maar zet in op het ervaren en beleven van alles wat het noorden te bieden heeft. Wie weet laten onze verwende globetrotters dan het vliegtuig de volgende keer voor wat het is, verruilen ze de Tesla wat vaker voor de fiets, worden we met zijn allen een fitter en gezonder volk en kunnen we en passant ook nog eens de klimaatdoelen behalen.